Stolpersteine Zwolle
Nieuws

Op de hoogte blijven van Stolpersteine Zwolle? Mail naar stolpersteinezwolle@outlook.com, u krijgt dan bericht van ons zodra er een nieuwsbericht op de site is geplaatst.


Stolperstein voor Jozeph Troostwijk onthuld op 6 december 2019

Op vrijdagmiddag 6 december verzamelden zich dertig na- en naastbestaanden in VidiVeni Bistronomie aan de Jufferenwal om Jozeph (Jo) Troostwijk te herdenken. Jo Troostwijk zag het levenslicht in Zwolle op 7 november 1884 en kwam eind juli 1943 in Staphorst door toedoen van het verzet om het leven. De geringe bewegingsvrijheid, de uitzichtloosheid en de eenzaamheid tijdens zijn onderduik veroorzaakten veel spanning en brachten hem geestelijk in de knoop. Zijn gedrag vormde een gevaar voor zijn omgeving met alle risico’s van dien. In overleg met verzetsmensen van de knokploeg uit Meppel werd daarom besloten Jo te doden. In 1946 is zijn stoffelijk overschot herbegraven op de Joodse begraafplaats in Zwolle.

Daarna heerste lang stilte rond Jozeph Troostwijk en zijn tragische lot. Bert van der Heijden, echtgenoot van Jo’s achternicht Louise Troostwijk, stipuleerde in zijn toespraak dat men binnen de familie Troostwijk nimmer over hem sprak, want te pijnlijk, te traumatiserend. Nu zijn tragische lot weer in de openbaarheid is gekomen, leven vele vragen. Waren er geen andere oplossingen mogelijk geweest dan Jo’s liquidatie? Waarom heerste er na de oorlog zo’n groot stilzwijgen over het lot van Jo Troostwijk en de vele andere door het verzet uitgevoerde liquidaties? Waarom is er nooit een justitieel onderzoek gedaan naar de gebeurtenissen? In navolging van de directeur van het NIOD noemde hij de liquidaties door het verzet een van de laatste taboes van de oorlog.

Lees hier de toespraak van Bert van der Heijden.

Aanwezig waren ook leden van de familie Mulder-Tuin uit Staphorst bij wie Jo Troostwijk in het voorjaar van 1943 onderdak vond. Deze onderduikgevers waren niet betrokken bij de latere tragische gebeurtenissen. Binnen deze familie wordt nog steeds met genegenheid aan Jo Troostwijk teruggedacht. Mw. Jannie Mulder toonde een door Jozeph Troostwijk vervaardigd schilderij en een brief van zijn hand uit juli 1943.

              

Jo timmerde en schilderde om de tijd te verdrijven. Haar neef Pieter van der Horn benadrukte dat Jo Troostwijk indirect ook een slachtoffer was van het nazistische antisemitisme. Juist om het geschetste stilzwijgen te doorbreken is een Stolperstein in de publieke ruimte, voor het huis waar hij met zijn moeder zo lang woonde, een krachtig teken.

 

Tot slot sprak kapitein Patric van Aalderen, tot voor kort identificatiespecialist van de Bergings- en Identificatiedienst Koninklijke Landmacht (BIDKL). Hij kwam de liquidatie van Jo Troostwijk in 2008 op het spoor in het verlengde van een onderzoek naar de vermiste Pieter Hoppen uit Rotterdam, ook slachtoffer van het Meppeler verzet. In een jaren vergend, pas onlangs afgesloten onderzoek heeft hij de gebeurtenissen in het laatste levensjaar van Jo Troostwijk kunnen ontrafelen. Het relaas verschijnt in het voorjaar van 2020 onder de titel ‘Late zijn ziel gebundeld worden in het Eeuwige licht’ De dood van Jozeph Troostwijk in 1943 in het bevrijdingsnummer van historisch tijdschrift ’t Olde Stapperst.

          

  

Onder de titel Jo hield het niet uit in de onderduik is ook een portret van Jozeph opgenomen in de tentoonstelling Jodenvervolging in 12 portretten. Dit is een serie levensverhalen van Joodse Zwollenaren tijdens de Tweede Wereldoorlog.

U vindt hier de digitale versie van dit portret.

De foto's zijn gemaakt door Wieske Veldhuis. 


Drie Stolpersteine onthuld op 22 november 2019

Op vrijdagmiddag 22 november kwamen vijftien familieleden en andere betrokkenen bijeen in Woonzorgcentrum De Esdoorn voorafgaande aan de onthulling van drie Stolpersteine voor Salomon Stibbe (Zwolle 9.10.1886 - Auschwitz 15.10. 1942), zijn vrouw Klothilde Stibbe-Seligmann (Dierdorf 8.12.1887 - Auschwitz 12.10.1942) en hun dochter Julia (Zwolle 20.2.1918 - Auschwitz 12.10.1942). Hun laatste vrijwillige woonadres was Diezerenk 31, nu ter hoogte van de nieuwbouw Diezerenk 23.

Het gezin is in het weekeinde van 2-3 oktober 1942 gedeporteerd naar Westerbork, Salomon vanuit een werkkamp ergens in Overijssel of Friesland, Klothilde en Julia via de gymnastiekzaal van het Gymnasium Celeanum aan de Veerallee en het Zwolse veestation.

Nicht Sippora Stibbe was met haar moeder aanwezig in het huisje aan de Diezerenk 31 om haar tante en nicht te helpen bij het inpakken van de benodigdheden voor de reis naar wat later hun doodsbestemming bleek te zijn. Bijzonder dat Sippora Stibbe als ooggetuige hierover ruim 77 jaar na dato nog kon vertellen. Lees hier haar herinneringen aan deze laatste samenkomst met haar tante en nicht.

            

Jaap Hagedoorn, voorzitter van de Stichting Zwolse Stolpersteine, memoreerde dat juist enkele dagen tevoren een unieke foto van de deportatie van Joodse Zwollenaren was opgedoken.

Op de foto zijn vrouwen en kinderen te zien die begeleid door Zwolse politieagenten richting het Celeanum lopen. De foto bevestigt dat het voornamelijk vrouwen en kinderen zijn geweest die via het Celeanum zijn gedeporteerd; de mannen zaten gevangen in werkkampen in de omgeving. Daarnaast toont de foto de rol van de Nederlandse politie.

De Holocaust of Sjoa roept vragen op. Vragen over toen, vragen over nu, vragen over onszelf, vragen over herinneren en herdenken. Wat zouden wij zelf gedaan hebben? Dat zijn vragen die driekwart eeuw later niets aan scherpte en actualiteit hebben ingeboet. Vragen die schuren, vragen die zich niet gemakkelijk laten beantwoorden.

Dominee Mini Jurjens benoemde die vragen in een gedicht, getiteld Vragen! Met dit gedicht onthulde zij op 21 september 2016 drie gedenkstenen voor de Vispoortenplas 10, het laatste woonadres van het gezin van Salomon Caneel. Vragen die regelmatig opnieuw gesteld moeten worden. Piet den Otter deed dit bij de herdenking van het gezin Stibbe-Seligmann.

De drie Stolpersteine aan de Diezerenk zorgen ervoor dat Salomon, Klothilde en Julia niet anoniem in de geschiedenis verdwijnen.

 

Lees hier Het adres was Diezerenk 31 door Sippora Stibbe.

Lees hier Vragen! door Mini Jurjens.

Foto’s onthulling c.a. Ineke Walrave. Foto 1942 HCO. 


Eenentwintig Stolpersteine onthuld op 20 september 2019

Op vrijdagmiddag 20 september zijn 21 Stolpersteine onthuld voor

Julie Fränkel-Lippmann en Sofia Nathan (Assiesstraat 36), Jakob en Kreindel Podchlebnik-Kos (Assiesstraat 124),

    

Jacob en Jetje van Coeverden-Zilverberg en Marchien van Coeverden (Posthoornsbredehoek 15), 
Isaak Joseph en Duifje Nord-van Biene, Joseph en Mozes Nord (Kerkstraat 5),

               

Hans Andorn (Thorbeckegracht 17),

  

Siegfried en Minna Hony-Katten (Thorbeckegracht 46),

        

Ludwig en Fanni Mayer-Landesmann (Thorbeckegracht 49),

 

Meijer Nord (Thorbeckegracht 50),

  

Elias en Antje Veterman-Stibbe, Martha en Meijer Veterman (Thorbeckegracht 50A).

                           

Voorafgaande aan de onthullingen heet Jaap Hagedoorn, voorzitter van de Stichting Zwolse Stolpersteine, meer dan100 aanwezigen welkom in de aula van de Christelijke Gereformeerde Noorderkerk aan de Thorbeckegracht. Een bijzonder woord van dank gaat uit naar deze kerkelijke gemeente die uit betrokkenheid bij haar omgebrachte Joodse buurtbewoners het initiatief nam tot plaatsing van deze Stolpersteine.

Hagedoorn belicht in zijn herdenkingsrede de individuele achtergronden van de slachtoffers. Er woonden aan het begin van de oorlog in deze buurt 25 mensen van Joodse herkomst. Onder hen negen vluchtelingen uit Midden- en Oost-Europa. Zij kwamen naar Zwolle in de hoop veilig te zijn voor het antisemitisme van de nazi’s. Helaas was dit niet het geval zoals de geschiedenis zou leren. Eenentwintig Joodse stadsgenoten uit deze buurt stierven in de Holocaust, één tijdens de onderduik en slechts drie overleefden de oorlog.

De slachtoffers mogen niet vergeten worden. Via de Stolpersteine krijgen ze weer een plek in ons midden. Het waren onze buren, klasgenoten, collega’s, stadgenoten die werden vermoord. Volwassenen en kinderen, elk met hun levensgeschiedenis, ambities, talenten.

Toch is het de nazi’s niet gelukt – zo besluit Hagedoorn - hun grote plan ‘het uitvegen van de Joden uit de geschiedenis’ uit te voeren. Er is nog Joods leven in Zwolle. Dit jaar viert de Zwolse synagoge zijn 120- jarig bestaan!

               

Gerdien Rots reflecteert op het begrip ‘stil zetten’: bij je eigen gedrag van alledag, bij de keuzes die je maakt, bij wat we al snel gewoon zijn gaan vinden, maar wat eigenlijk heel opmerkelijk is. En dat ‘stilzetten bij’, dat is precies wat Stolpersteine ook mogen doen in Zwolle. Ons stilzetten bij het leven van deze stadsgenoten. Ons openstellen voor deze mannen, vrouwen en kinderen die hier net als wij fietsten en rondliepen, en voor elkaar. Geraakt mogen worden door wat zij hebben moeten meemaken, daardoor voor wat anderen nu meemaken. En van daaruit kiezen in het hier en nu voor het goede, voor wat nodig is, dat wat er echt toe doet.

Na een korte meditatie door ds. Nico Vennik leest Jantien van Wageningen twee aangrijpende gedichten: ‘Gedenken wij thans onze doden’ van Jacques Presser en ‘Steen-inscriptie’ van Ida Gerhardt.

                                       

Zanggroep Note en de jonge violiste Bente van der Steeg verzorgen de muzikale omlijsting respectievelijk door het zingen van het loflied Maoz Tsoer en een bede om vrede en het spelen van het thema uit Schindlers List.

    

Na het Kaddisj door Jaap Cyclik zijn in een rondgang de Stolpersteine onthuld. Dit gebeurt op sobere, plechtige wijze met een enkel persoonlijk woord van familieleden of andere betrokkenen.

Lees hier de namen en adressen van de Stolpersteine

Lees hier de toespraak van Gerdien Rots

Lees hier de meditatie door ds Nico Vennik

Lees hier de toespraak van Jaap Hagedoorn

Lees hier de tekst van de liederen door Note

Lees hier de gedichten, voorgelezen door Jantien van Wageningen

De foto's zijn gemaakt door Wim Dam, Janita van Eeden, Wieske Veldhuis en Anneke van der Wurff. 


Zeventien Stolpersteine onthuld op 28 juni 2019

Op vrijdagmiddag 28 juni kwamen, voorafgaande aan de onthulling van zeventien Stolpersteine voor zes huizen in Assendorp, ruim vijftig familieleden en andere betrokkenen bijeen in het Dominicanenklooster. Zij werden verwelkomd door Jaap Hagedoorn, voorzitter van de Stichting Zwolse Stolpersteine.

Namens het Zwolse gemeentebestuur sprak vervolgens wethouder Michiel van Willigen. Stolpersteine tillen – zo benadrukte hij in zijn persoonlijk getinte toespraak - de vermoorde Joodse stadgenoten uit de abstractie van de geschiedenisboeken. Ze krijgen een naam, een plek, een verhaal. Niet alleen op straat, maar ook in ons hart en in onze beleving. De gedenkstenen verbinden ieder van ons individueel in gedachten en gevoelens met het verleden, met de mannen, vrouwen en kinderen die in de Holocaust omgebracht werden. De Stolpersteine laten ons stil staan. Het is een groot goed dat wij daarna in vrijheid kunnen voortgaan.

  

Dan Katz kwam uit Israël over voor de herdenking van zijn tante Hilda Goldstein, haar man Henri Gerhard de Levie en hun dochtertje Judith Rozaline, Eigenhaardstraat 9A. Uit familieherinnering vertelde hij over de vernietigde wereld van de Joodse families die voor de Tweede Wereldoorlog met behoud van hun Joodse identiteit nauw verbonden waren met de Midden-Europese cultuur en samenleving. Het gezin van zijn grootvader van moederszijde, Isaac Goldstein, telde twaalf kinderen van wie er drie ten onder gingen in de Sjoa. De overlevenden raakten in diaspora verspreid over de hele wereld. Dan Katz beschreef hoe de Sjoa het leven en denken van zijn moeder en haar generatiegenoten heeft beïnvloed en hoe dat nog steeds doorwerkt in zijn eigen bestaan.

Peter Riemersma onderzocht de lotgevallen van het echtpaar Erich Max en Hedwig Rosenthal-Neustädter en hun zoon Karl, Begoniastraat 2, van Adolf en Sophie Neustädter-Epstein, Hortensiastraat 61, en van Otto Rosenthal, Van der Laenstraat 61. Hun Stolpersteine zijn sprekende getuigenissen van de vooroorlogse ontwikkelingen in Duitsland en de individuele lotgevallen van deze Duits-Joodse vluchtelingen voor én na hun komst naar Zwolle.

Riemersma verdiepte zich breder in de geschiedenis van de ruim 15.000  Duits-Joodse vluchtelingen in Nederland. Daarbij las hij over de politieke én maatschappelijke onwil om de grenzen open te houden, over weerstand om voorzieningen te scheppen en geld vrij te maken voor opvang en hulp en over het wijzen naar de Joodse Nederlanders: lossen jullie dit probleem maar op, over selectie wie wel en wie niet toegelaten mocht worden en over de rare angst dat onze economie schade zou lijden. En het ergste van alles: de onverschilligheid.

                           

Rudolf Koning toonde een schilderij dat hij vijf jaar geleden maakte. Het heet gedachte aan de familie Rosenthal. Het stelt voor een memobriefje geplakt op een transportlorrie. Dergelijke lorries werden gebruikt werden in kamp Westerbork. Een soort Stolperstein in briefvorm. Op het briefje heb ik de namen geschreven van Erich Max, Hedwig en Karl. Alsof ik ze en berichtje kon sturen. Natuurlijk kan dat niet. Het geeft wel aan dat ze hier waren en geleefd hebben.

Piet den Otter ten slotte gaf een biografische schets van de families Zwart-Hartog en Khan- Van Holland, Molenweg 123 resp. 247. Zoals zo veel andere Joodse Zwollenaren zijn zij van aardbodem weggevaagd zonder dat er veel sporen van hen zijn achtergebleven. De route naar hun ondergang is wel weer goed te volgen. Het proces van stigmatisering, uitsluiting en uiteindelijk deportatie en vernietiging van het Joodse volksdeel is door de nazi’s nauwgezet administratief ondersteund. Een mens gaat altijd twee keer dood, de tweede keer als hij vergeten wordt, aldus het Joodse gezegde.

Nooit is voor de slachtoffers een grafteken opgericht. Hun as ligt op anonieme plekken in en bij de vernietigingskampen. Met de Stolpersteine zijn hun namen zijn vanaf nu weer zichtbaar. Ze verdwijnen niet anoniem in de geschiedenis. Ze zijn niet vergeten.

Kamerkoor Hera zorgde onder leiding van Ragna Wissink voor passende muzikale omlijsting door het zingen van drie liederen: Der Opschijd (Ivan Fischer), Var inte rädd för mörkret (Karin Rehnqvist), Do not stand at my grave and weep (Robert Prizeman).

                               

Na het Kaddisj door Jaap Cyclik zijn in een rondgang door Assendorp de Stolpersteine onthuld.

        

   

   

Lees hier de toespraak van Michiel van Willigen.

Lees hier de toespraak van Peter Riemersma.

Lees hier de toespraak van Rudolf Koning.

Lees hier de toespraak van Piet den Otter. 

Lees hier de toespraak van Eef Lopez Salzedo van der Laan.


De foto's zijn gemaakt door Ineke Walrave.


Tien Stolpersteine onthuld op 14 april 2019

Op zondagmiddag 14 april zijn in het bijzijn van 35 familieleden en andere betrokkenen tien Stolpersteine onthuld voor leden van de familie Zeehandelaar. Ter hoogte van de vroegere Jufferenwal 18 liggen voortaan gedenkstenen voor Samuel Zeehandelaar, Mozes Gerrit Zeehandelaar, Charlotte Zeehandelaar-Andriesse, André Jozef Heijmans en Jacoba Sara Heijmans-Zeehandelaar. Aan het Gasthuisplein 2A (nu Gasthuisplein 2) werden Stolpersteine onthuld voor Mozes Zeehandelaar, Meike Zeehandelaar-Bollegraaf en hun kinderen Jacob, Esther en Sara Antje Zeehandelaar.

         

Aan de onthulling ging een herdenkingsplechtigheid vooraf in VidiVeni Bistronomie. Jaap Hagedoorn, voorzitter van de Stichting Zwolse Stolpersteine, sprak het welkomstwoord. Hij memoreerde dat 14 april, bevrijdingsdag van Zwolle, voor de Joodse gemeenschap een dag is van gemengde gevoelens. Enerzijds een dag waarop het verdriet om de vermoorde familieleden extra aanwezig is. Anderzijds blijdschap om het feit dat het de nazi's niet gelukt is alle Joden te vermoorden en voorgoed van de aardbodem te laten verdwijnen. Door de namen op de Stolpersteine krijgen de weggevoerde Joodse stadgenoten weer een plek in Zwolle. Tot slot benadrukte Hagedoorn het grote belang van individuele herdenking met de woorden van Abel Herzberg: 'Er zijn in de Tweede Wereldoorlog geen zes miljoen Joden uitgeroeid, maar er is één Jood vermoord en dat zes miljoen keer'.

Verschillende sprekers deelden vervolgens persoonlijke en historische herinneringen aan de familie Zeehandelaar.

Lees hier de toespraak van Wieske Veldhuis.

Lees hier de toespraak van Sippora Stibbe, uitgesproken door Anneke van der Wurff.

Lees hier de toespraak van Piet den Otter.

Lees hier de toespraak van Sarah Katznelson-Slager.

         

Na het Kaddiesj sloten violisten Ester Potjes en Stijn van Uffelen de herdenkingsbijeenkomst muzikaal af.

In een rondgang door de binnenstad werden de gedenkstenen aan de Jufferenwal en het Gasthuisplein onthuld. Het gezelschap stond ook even stil bij de Korte Kamperstraat 7, waar Samuel Zeehandelaar met zijn zoon Mozes Gerrit een ijzerwinkel had.

De foto's zijn gemaakt door Wieske Veldhuis.


Negen Stolpersteine onthuld op 12 oktober 2018

Voorafgaand aan de onthulling van Stolpersteine voor Leentje Davidson, de broers Mozes en Julius Koopman en het gezin Kropveld-Van Gelder kwamen familieleden en andere betrokkenen op vrijdagmiddag 12 oktober bijeen in de voormalige gymnastiekzaal van het Gymnasium Celeanum aan de Veerallee. Een beladen plek, want vanuit dit gebouw vond op 2-3 oktober 1942 de eerste deportatie van Joodse Zwollenaren plaats. Het gebouw is nu in gebruik als kantoor van woningbouwcorporatie deltaWonen. Directeur Evert Leideman vertelde dat zijn organisatie zich verantwoordelijk voelt voor de instandhouding van dit gebouw als een ‘lieu de mémoire’, een plaats van herinnering voor de Joodse gemeenschap, eigenlijk voor heel Zwolle. Leerlingen van het Gymnasium Celeanum herdenken jaarlijks met een stille tocht en bloemlegging bij het monument de Rozenboom de Joodse Zwollenaren, die van hier naar het Oosten werden gedeporteerd en niet terug keerden. Hans Davidson, Sippora Stibbe en Piet den Otter spraken woorden van herinnering en herdenking.

Hans Davidson zag als diepere betekenis van de Stolpersteine dat zij naast de individuele herdenking ons eraan herinneren hoe diep de mensheid kon en kan zakken. Hoe rassenhaat, discriminatie en georganiseerde onmenselijkheid was en is. Sippora Stibbe, geboren in Zwolle in 1931, haalde jeugdherinneringen op aan het gezin Kropveld. Piet den Otter schetste het lot van vader Samuel Kropveld, die in tegenstelling tot zijn vrouw en dochters niet rechtstreeks naar Auschwitz-Birkenau werd gedeporteerd, maar in Cosel uit de deportatietrein werd gehaald om een helletocht te ondergaan door de goelag van werkkampen in Silezië.

Lees hier de toespraak van Hans Davidson.

Lees hier de toespraak van Sippora Stibbe.

Lees hier de toespraak van Piet den Otter.

In een rondgang door de stad werden Stolpersteine onthuld voor Leentje Davidson (Walstraat 25), Mozes en Julius Koopman (Walstraat 27) en het gezin Kropveld-Van Gelder (Krabbestraat 3-5, v/h Waterstraat 45). 

  
                         Onthulling van Stolperstein voor Leentje Davidson, Walstraat 25  
                             Stolpersteine voor Mozes en Julius Koopman, Walstraat 27


Onthulling Stolpersteine voor gezin Kropveld-Van Gelder, Krabbestraat 3-5

De foto's zijn gemaakt door Wieske Veldhuis.


Vier Stolpersteine onthuld op 21 september 2018

Op vrijdagmiddag 21 september zijn in twee besloten bijeenkomsten vier Stolpersteine onthuld.

In VidiVeni Bistronomie aan de Jufferenwal kwamen na- en naastbestaanden bijeen om Menno Troostwijk (1909-1943) en Ans Troostwijk-Hijmans (1917-1944) te herdenken. 

Jenny van Wieringen deelde jeugdherinneringen aan haar nicht Ans Hijmans. Bert van der Heijden verhaalde over hun helletocht in het Oosten. Beiden werden slachtoffer van Vernichtung durch Arbeit. Joodse mannen en vrouwen moesten onder slechte omstandigheden dwangarbeid verrichten. Een opgave die zij meestal niet overleefden.

Menno werd na aankomst in Sobibor op 13 maart ’43 geselecteerd voor dwangarbeid in dit kamp. Medio april ’43is hij samen met 70 anderen geëxecuteerd op verdenking van het beramen van een opstand. Ans werd vanuit Sobibor van werkkamp naar werkkamp gesleept. Zij overleed in Trawniki op of omstreeks 7 januari ’44 aan uitputting en ziekte. Zie hier het levensverhaal van Ans Troostwijk-Hijmans in de tentoonstelling Jodenvervolging in 12 portretten.

Menno en Ans kochten in 1940 het huis in aanbouw aan de Kon. Wilhelminastraat 49. Gedurende de hele oorlog woonde hier echter een Duitse ambtenaar. Daarom zijn de Stolpersteine gelegd voor het huis van Menno’s ouders aan de Emmawijk 23, waar het jonge paar inwoonde.
 

   
                                 

In een huiskamerbijeenkomst aan de Groeneweg 25 werden Eduard Danneboom (1876-1945) en zijn zoon Jacob Karel Danneboom (1909-1945) herdacht. Beiden waren werkzaam in de handel in lompen en oude metalen. Bewoner Gerrit Schaafsma belichtte de vooraanstaande positie van het gezin Danneboom-Katz binnen de Joodse gemeenschap in Zwolle tijdens het interbellum. Hiervan getuigt ook het bewaard gebleven album met foto’s en gelukwensen dat Eduard en zijn vrouw in mei 1942 bij hun veertigjarige huwelijk ten geschenke kregen.

Eduard en Selma duiken onder in Apeldoorn, worden begin maart ’45 opgepakt en naar Westerbork gedeporteerd, waar Eduard op 3 april overlijdt, een paar dagen voor de bevrijding. Jacob komt midden juni ’44 als Häftling aan in Westerbork en komt tussen september ’44 en januari ’45 om in Auschwitz.

  

Lees hier het artikel van Gerrit Schaafsma Schuldig Huis 1932-1956 Pro memoria Eduard Danneboom & Jacob Karel Danneboom.

Harry Hes sprak over het leed van overlevenden na de oorlog, in dit geval Selma Danneboom-Katz. Zij verloor haar hele familie – echtgenoot, dochter met man en twee kinderen en zoon. Zij heeft haar leven op een natuurlijke manier mogen, moeten, voltooien. Maar wel onder een last, die haast teveel (was) voor één mensch, zoals zij in vertwijfeling in een familieboek schreef.

Lees hier de toespraak van Harry Hes.

De foto's zijn gemaakt door Ineke Walrave.


Eenentwintig Stolpersteine onthuld op 20 juli 2018 

Op de zeer zomerse vrijdagmiddag 20 juli verwelkomde de Stichting Zwolse Stolpersteine 125 aanwezigen in de Zwolse synagoge tijdens de herdenkingsbijeenkomst voorafgaande aan de onthulling van 21 Stolpersteine voor de families Anholt, Krammer, Pinas en aanverwanten. Veel nabestaanden waren overgekomen uit Israël. Zij herdachten hun dierbaren in de Zwolse sjoel waar hun families ooit samenkwamen. Zij herdachten hen in Zwolle, de stad waar ooit een levendige Joodse gemeenschap bestond van meer dan 700 zielen. Zij herdachten hen voor de huizen van waaruit ze via Westerbork naar het Oosten werden weggevoerd.

Het werd een zeer emotionele bijeenkomst en rondgang door de stad. De KRO heeft de gebeurtenissen uitgebreid gefilmd. In de documentaire Een steen voor een leven zijn de Zwolse opnamen verweven met onthullingen in Berlijn en gesprekken met Gunter Demnig, de bedenker van de Stolpersteine. De documentaire van 26 minuten is uitgezonden op 4 november 2018 en is hier terug te zien.

Rob Schouten, betrokken buurtbewoner, bood als eerste alle aanwezigen een herinneringsbrochure aan. Voor hem is de naam Sobibor onlosmakelijk verbonden met Michel Velleman (1895-1943), de Joodse goochelaar die optrad als professor Ben Ali Libi en in Sobibor werd vermoord. Het gedicht Ben Ali Libi van Willem Wilmink werd vervolgens door Junte Uiterwijk/rapper Sticks voorgedragen. Sticks rapte zijn gedicht Stolpersteine

 

Lees hier de toespraak van Rob Schouten.
Lees hier het gedicht Stolpersteine van Junte Uiterwijk/rapper Sticks.

  

Ariella Vishlizki, Ilan Kidron en Oded Kidron spraken emotionele woorden van herdenking voor hun in Auschwitz en Sobibor vermoorde familieleden. Daarnaast droegen zij met kracht de hoop uit dat de gedenkstenen ook een blijvend signaal afgeven tegen uitsluiting, intolerantie en discriminatie. Ontroerend was hun dankbaarheid tegenover de aanwezige (klein)kinderen van de onderduikgevers tijdens de oorlog.  Na de toespraken zongen zij het lied Anie Maamien  om  - ondanks het zwarte verleden - hun vertrouwen in de mens en de toekomst tot uitdrukking te brengen.

Lees hier de toespraak van Ariella Vishlizki.
Lees hier de toespraak van Ilan Kidron.
Lees hier de toespraak van Oded Kidron.

Na het Kaddiesj sloten violisten Ester Potjes en Stijn van Uffelen de herdenkingsbijeenkomst muzikaal af.

  

In een lange rondgang door de stad zijn achtereenvolgens Stolpersteine onthuld voor de Diezerstraat 81, de Walstraat 25, de Oosterlaan 16, de Eendrachtstraat 1A, de Seringenstraat 40, de Hyacinthstraat 30 en tot slot de Van Lennepstraat 26.

Diezerstraat 81                                                      Walstraat 25

   

 Oosterlaan 16
  

 Eendrachtstraat 1A

  

 Seringenstraat 40

  

  

Hyacinthstraat 30                                                                   Van Lennepstraat 26

  

Met de gedenkstenen krijgen de slachtoffers weer een plek terug in de buurt waar ze woonden, waar de kinderen op straat speelden en de volwassenen lief en leed deelden. Tegelijkertijd brachten de Stolpersteine nabestaanden, huidige bewoners, buurtgenoten en andere betrokkenen ook samen in het heden.

Bij de Seringenstraat 40 zijn niet alleen Stolpersteine onthuld voor het gezin Krammer-Van Gelderen. Aan de zijgevel onthulde de 92-jarige ooggetuige Bep Maazen een plaquette met de foto die haar moeder op 8 april 1943 maakte van de kinderen uit de buurt. Zij deed dit daags voordat de laatste Joodse Zwollenaren, ook de kinderen Miep, Fietje, David en Jupie Krammer, op transport zouden worden gesteld. De foto inspireerde Alet Boukes tot het gedicht 8 april 1943.

Lees hier de toespraak van Bep Maazen.
Lees hier de toespraak van Alet Boukes.

De foto's zijn gemaakt door Wieske Veldhuis. 


Negen Stolpersteine onthuld op 16 maart 2018

Op vrijdagmiddag 16 maart verwelkomde Jaap Hagedoorn, voorzitter van de Stichting Zwolse Stolpersteine, enkele tientallen leden van de familie De Leeuwe en andere genodigden in Brasserie De Hofvlietvilla aan de Zwolse Pannekoekendijk. 

Vervolgens sprak Meriam de Leeuwe woorden van herinnering aa