Stolpersteine Zwolle
Nieuws

Op de hoogte blijven van Stolpersteine Zwolle? Mail naar stolpersteinezwolle@outlook.com, u krijgt dan bericht van ons zodra er een nieuwsbericht op de site is geplaatst


Vijf Stolpersteine onthuld op 30 juni 2017

Ina Jacoba Vecht en Sonja Schönher onthulden op vrijdagmiddag 30 juni nabij de Hoekstraat 19 een Stolperstein voor hun oom en oudoom Maurits Vecht. Zijn huis aan de vroegere Diezerweg 22-1 is afgebroken en de huidige locatie is na kadastraal onderzoek bepaald. Achternicht Sophia Schönher vertelde dat de onthulling van de Stolperstein de afsluiting vormde van een lange zoektocht. 

Foto's: Anneke van der Wurff

Maurits Vecht was de broer van Jacob Hartog Vecht, die op 36-jarige leeftijd in 1933 in Soerabaja (Indonesië) overleed. Een van zijn dochters, Ina Jacoba Vecht, begon in 1958 direct na aankomst in Nederland vanuit Indonesië een zoektocht naar Maurits. Ze kende hem enkel van een grote familiefoto die in de woonkamer hing. Het gevoel van verbondenheid was sterk en ze was vastberaden Maurits te vinden. Ze ondernam vele reizen naar Israël, in de hoop een teken te vinden. Het mocht helaas niet zo zijn. Pas vele jaren later vernam mijn tante dat Maurits was vergast in Auschwitz. Dat was het einde van haar zoektocht. Totdat we vernamen van de Stolpersteine. Nu hebben mijn tante, mijn zus Sonja en ik alsnog afscheid kunnen nemen van Maurits Vecht in warm bijzijn van vele belangstellenden verbonden aan de Stichting Zwolse Stolpersteine.  

Lees hier het afscheidsgedicht ‘De verbinding blijft’

Vervolgens kwamen we bijeen voor de Kuyerhuislaan 6, de laatste woonplaats van huisarts Lion Gerzinus Lezer, zijn echtgenote Henriette Lezer-Fischel en hun zoons Coenraad en Alfred Lezer.  

Foto's: Ineke Walrave

Als eerste sprak Ruut Hoogendoorn, zoon van de arts die na het Berufsverbot voor Joodse ambtenaren in mei 1941 de praktijk van Lion Lezer als gemeente-arts van Wijhe overnam. Volgens afspraak tijdelijk, tot na de oorlog….. Lezer fungeerde sindsdien als arts van het Joodse ziekenhuisje in de Zwolse Voorstraat 41 en als huisarts voor de almaar slinkende Zwolse Joodse gemeenschap, totdat ook de laatste Joodse Zwollenaren in april 1943 werden gedeporteerd. Onder hen ook het gezin Lezer. Pogingen vanuit de familie Hoogendoorn de Lezers tot onderduik te bewegen waren vergeefs. Deze gebeurtenissen hebben blijvend een schaduw geworpen over het leven van meerdere generaties Hoogendoorn. Er zijn van die dingen in je leven die je altijd blijft meenemen, sommige zaken kun je niet van je afzetten. 

Lees hier de toespraak van Ruut Hoogendoorn

Vervolgens nam Wim Coster het woord. Hij beschreef de lotgevallen van het gezin Lezer in een afzonderlijk hoofdstuk in zijn boek over de geschiedenis van Zwollerkerspel, getiteld ‘Van Zalné naar Sobibor'. Het is hier integraal opgenomen.  

 

 

Wim Coster, Zwollerkerspel. Een gordel van blauw en groen rondom de stad (Waanders 2017) pp. 174-175. 

Na een muzikale herdenking door Greet Bakker zijn de Stolpersteine onthuld door Ruut Hoogendoorn en Jules ten Berge namens de Zwolse huisartsen. De Stolpersteine liggen aan de voet van het hek waarop Coenraad en Alfred Lezer in 1941 of ’42 zijn gefotografeerd.  

Vanuit de Joodse gemeente Zwolle heeft Jaap Cyclik het Kaddiesj gezegd voor deze vijf slachtoffers van de Holocaust.  


Vijf Stolpersteine onthuld op 21 mei 2017

In de Van Lennepstraat werden op zondagmiddag 21 mei 2017 voor nummer 24 vijf gedenkstenen onthuld voor Philip Blanes, zijn echtgenote Henriëtte Blanes-Polak en hun zoons Herman, Jo en Benno Blanes.

Voorafgaand aan de onthulling vertelde Tiny van der Laan-Vogt  (95) hoe zij het gezin van de handelsreiziger in fotoartikelen kende. Flip Blanes was lid van de SDAP. Toen het gezin in 1939 naar Zwolle verhuisde, betoonden Flip en Jet zich ook daar actieve leden. Tiny van der Laan ging wekelijks langs bij de leden om geld op te halen. Graag sloot zij haar collecteavond af bij het gezin Blanes. Vooral Flip was een optimist en vrolijk mens. Jet was gereserveerder. Tiny vertelde dat de zusters van Flip op een avond al zingend de vanaf mei 1942 verplichte Davidsster op hun kleding naaiden! Jet’s minder optimistische kijk op het leven openbaarde zich toen Flipin de zomer van 1942 te werk gesteld werd in een werkkamp in Friesland. Onzeker over haar toekomst opende Jet de gaskraan in huis. Doordat één van haar kinderen de buren waarschuwde, werden haar plannen verijdeld. Toen Flip terugkwam, werd gesproken over onderduiken, maar Flip weigerde dit.

Daarna sprak Rob Hompes. Zijn ouders en broertjes woonden in de Brederostraat, vlakbij het gezin Blanes. Zijn broertjes David en Hartog hadden dezelfde leeftijd als twee van de drie kinderen Blanes. En zo waren er meer overeenkomsten in namen, herkomst en uiteindelijk in lotsbestemming. Rob Hompes constateerde dat het haast niet anders kon of de beide gezinnen hebben elkaar gekend.

Vervolgens hebben Tiny van der Laan en Rob Hompes de Stolpersteine onthuld. De ceremonie werd afgesloten met het uitspreken van het Kaddiesj door Rob Hompes en de voorzitter van de Joodse Gemeente Zwolle, Benno Ketelaar.


Jodenvervolging in twaalf portretten

Graag attenderen wij u op de digitale tentoonstelling Jodenvervolging in 12 portretten. Twaalf biografische portretten vertellen samen het verhaal van de vervolging van de Joodse Zwollenaren in de Tweede Wereldoorlog. Elk portret bestaat uit persoonlijke gegevens van het slachtoffer, een korte levensbeschrijving en een beeldverhaal. Ook is de naaste familie van de geportretteerde in kaart gebracht.

De twaalf persoonlijke verhalen geven een beeld van de verschrikkingen, de uitsluiting, de angst, het verdriet en de ellende als gevolg van de terreur en rassenwaan van de nazi’s. 


Achttien Stolpersteine onthuld op 22 maart 2017

Stadsdichter van Zwolle Kees Smits opende de plenaire bijeenkomst voorafgaand aan de onthullingen met het gedicht Struikelstenen:

Struikelstenen

Ik heb je bij je naam geroepen,
je bent van Mij. (Jesaja 43, 1c)

Zeg niet de namen van weleer,
de stoepen raken vol met traan.
Noem wel de levens nog een keer,
Geef kleur aan wit op zwart bestaan.

Toch moeten namen klinken, want
wie zwijgt, stemt iemand toe zijn dood.
Spreek uit: Cohen en Rotschild en 
Rosa, Jacob - met eerbied Jood.

De oorlog gaat nooit meer voorbij:
de dood, het leed aan zoveel mens. 
Wie Vecht heet wordt zomaar vermoord,
een kind passeert een laatste grens.

De ouders van de Oosterlaan,
het meisje van de Hertenstraat 
en oma's, opa's, duizenden,
zij léven - noem hun zijn als daad.
 

Na het zeggen van het Kaddisj vertrok een lange stoet uit hotel Wientjes om voor acht adressen, voornamelijk in de Zwolse stationsbuurt, achttien Stolpersteine te onthullen. Stolpersteine die daags tevoren door stratenmakers in opdracht van de gemeente Zwolle waren gelegd. 

Download hier het gedicht Struikelstenen

Foto’s: Ineke Walrave

 

Oosterlaan 16

Voor de Oosterlaan 16 onthulden kleinzoons Ilco en Micha van Buuren Stolpersteine voor hun grootouders Koos Lion Keizer en Rosetta  Keizer-Polak. Ilco van Buuren verhaalde over de lotgevallen van het gezin Keizer-Polak tijdens de oorlog en over het naoorlogse verdriet en stilzwijgen van zijn moeder.

Na de oorlog is mijn moeder nooit meer in Zwolle geweest. Voor haar was het schuldige grond. Zij heeft ons dus nooit de plaatsen aangewezen, die een belangrijke rol hebben gespeeld in haar jeugd. Lang hebben wij haar voorbeeld gevolgd en leefde Zwolle voor ons slechts voort in de vorm van namen zoals opperrabbijn Hirsch, Denneboom, Troostwijk, Diezerplein, Wezeland, Hilda, Meijer Heiman, Stibbe, Lutteraan.

Lees hier de toespraak van Ilco van Buuren

  

Oosterlaan 19

Oosterlaan 19 was het laatste woonadres van de provinciale ambtenaar Sekkel Cohen, zijn vrouw Frieda Betti Cohen-Salomon en hun dochter Lena Helga. Zij werden, mede namens de provincie Overijssel, herdacht door Erik Jungerius.  Hij schetste onder meer hoe de Joodse Zwollenaren in de periode voor de deportaties steeds meer werden gediscrimineerd en geïsoleerd om uiteindelijk te worden gedeporteerd.

De geschiedenis van Sekkel Cohen is daarmee een typisch voorbeeld van de manier waarop de Duitsers in de aanloop naar de Holocaust de joodse gemeenschap geleidelijk in een maatschappelijk isolement plaatsen. Joodse kinderen werd de toegang ontzegd tot reguliere scholen, joodse gezinnen moesten inkopen doen in aparte winkels en joodse collega’s verdwenen van de werkvloer.

Lees hier de toespraak van Erik Jungerius

Oosterstraat 8

De gedenksteen voor de uit Duitsland afkomstige weduwe Hedwig Rothschild-Bier voor de Oosterstraat 8 werd onthuld door haar speciaal uit Israël overgekomen achterneef Yitzschak Bier en zijn vrouw Yael Bier. Zij deden dit mede namens Max Bier, neef van Hedwig Bier, die Bergen-Belsen overleefde en nu in Tel Aviv woont. 

Zij wezen in hun toespraak expliciet op het belang van blijvend herdenken.
I asked myself about the importance of this project. If it is to preserve the memory of the victims, then who is it really for? After all, for those already killed, it will not make a difference anymore. This project is not necessarily for the generation alive today, who learned firsthand about the events, but for the generations to come. To educate them and to create awareness, to make certain that they internalize that a group is not persecuted and destroyed just because it is different.

And I asked myself about the meaning of the stone. The stone is like a placeholder; today, in the digital age, the unfathomable numbers can be converted to individual stories which make those unknown names suddenly come to life as ordinary people, thus touching the souls of all those who become exposed to these stories. And as for the symbolism of these Stolpersteine -- there is a Hebrew song about the Western Wall in Jerusalem, which states "there are people with hearts of stone, and there are stones with a human heart".

Lees hier de toespraak van Max, Yitzschak en Yael Bier 

Wijkwethouder Jan Brink sprak over gastvrijheid voor hen die moeten vluchten, vroeger én nu. Marijke Flapper herdacht de vroegere bewoonster van haar huis met het gedicht One stone, one live.

Lees hier het gedicht van Marijke Flapper

Hertenstraat 5

Voor de Hertenstraat 5 onthulde Gerrit Salet twee Stolpersteine voor zijn buren van destijds, Alfred Weihl en Margarethe Weihl-Marburger. Als kleine jongen zag hij hoe zij in november 1942 vanuit hun huis werden weggevoerd naar Westerbork en verder. Buurtgenoten hebben ervoor gezorgd dat een kistje met foto’s en documenten van de familie Weihl bewaard is gebleven. Alfred Weihl begon na zijn vlucht uit Duitsland een leerfabriekje aan de Thorbeckegracht. Margaretha was een erudiete vrouw en gaf les in moderne talen en Ivriet. Al wat nog rest van hun leven in Zwolle zijn de herinneringen van dhr. Salet, de stukken betreffende de familie Weihl in het Historisch Centrum Overijssel en nu dan twee Stolpersteine. 

Terborchstraat 2

Beatrix Loewenstein-Palm kwam met haar man naar Zwolle om Stolpersteine ter herinnering aan haar tantes Sariena en Meta Palm te onthullen voor hun ouderlijk huis, Terborchstraat 2. Beatrix Palm, geboren begin 1942, heeft hen niet gekend en door de zwijgzaamheid van haar ouders over hun leven in de schaduw van de dood, heeft zij ook geen ander beeld van haar tantes dan de prachtige foto van haar als baby op de schouders van tante Meta. 
 
Buurtbewoner Peter Riemersma vertelde over de lotgevallen van de familie Palm en sloot als volgt af. Mogen deze struikelstenen de namen bewaren van Sariena en Meta, verankerd in de straat en voor hun huis, waar zij in vreugde en vrijheid in en uit liepen tót hun toekomst in rassenwaan en pure wreedheid werd gesmoord. Ook deze stenen doen een onophoudelijke appel op ieder die hier passeert.
 
 
Van Nagellstraat 16
 
De huidige bewoonsters van de Van Nagellstraat 16, Agnes Goldenbeld en Zwanet Haveman, herdachten Frieda Heimann. Het leven van Frieda Heimann lijkt me eenzaam te zijn geweest. Alles lezende krijg ik er dit beeld bij: Alleen, beroofd van haar burgerrechten en papieren, is ze op 56-jarige leeftijd vanuit haar geboorteplaats gevlucht naar Rotterdam, waar ze drie jaar later waarschijnlijk de bombardementen meegemaakt heeft meegemaakt. Vervolgens is ze ingetrokken bij een echtpaar in Zwolle, waar anderhalf jaar later de heer des huizes overlijdt en ze alleen met de weduwe achterblijft, beide vrouwen waren hun leven niet zeker. Wat zullen ze bang geweest zijn. Een half jaar later vertrekt mevrouw Bilderbeek-Stibbe naar haar onderduikadres. Ik stel me voor dat er voor Frieda Heimann geen onderduikadres te vinden was, of misschien wilde ze het niet. In ieder geval wordt ze zelf opgepakt, naar Westerbork gebracht en uiteindelijk sterft ze, na een hels transport in of vlakbij Auschwitz. Wij laten dit alles tot ons doordringen. Ons huis is er een met geschiedenis. Dat kan ook niet anders met een huis van meer dan 100 jaar oud. Maar wat met de bewoners van destijds is gebeurd, is vreselijk.
 
 

Van Nagellstraat  9 en Rhijnvis Feithlaan 3

De familie Vecht kwam samen om bij de Rhijnvis Feithlaan 3 bij monde van Uri Vecht de namen te noemen van zijn overgrootvader Jacob Vecht en diens dochters Helena en Rosa die 85, 45 en 47 jaar oud vanuit hun woning op dit adres werden weggevoerd en in 1942 vermoord in Auschwitz. Juda Vecht deed dit bij de Van Nagellstraat 9 voor zijn grootouders Charles Vecht en Elisabeth Vecht-Heimans en zijn tantes Bertha Mirjam en Lucy Vecht, allen eveneens omgebracht in Auschwitz. 

Uri en Juda Vecht memoreerden dat er in hun jeugdjaren door hun ouders niet of nauwelijks gesproken werd over het leed van de Tweede Wereldoorlog en het leed in de eigen familie. Zo wisten zij als kind nooit dat er op de Rhijnvis Feithlaan familie had gewoond. Het is bijzonder en het is goed dat er nu aandacht is voor het lot van onze eigen familie. Het is goed dat dit tekort nu wordt gecompenseerd. Het doet een beetje recht aan die vele familieleden die hun leven niet verder mochten leven.

 


Vijftien Stolpersteine onthuld op 21 september 2016

Vele nabestaanden van de Overijsselse opperrabbijn Samuel Juda Hirsch (Amsterdam 1872-Zwolle 1941) waren uit Israël, de Verenigde Staten en Zwitserland naar Zwolle gekomen. Zij verzorgden een herdenkingsbijeenkomst voor alle Holocaustslachtoffers in de Zwolse synagoge. 

Herdenkingsgebed.

God al barmhartig, die het recht op eist voor weduwen en vader der wezen, geef totale rust op de vleugels Uwer Majesteit, in heiligheid en zuiverheid stralend als het firmament, voor de zielen van de zes miljoen van onze broeders en zusters velen van Israël, mannen , vrouwen jongens en meisjes, die vermoord zijn, afgeslacht, levend verbrand, gestikt (in de gaskamers) ,levend begraven of vermoord op de meest wrede en vreemde manieren door de moordende nazi’s en hun collaborateurs van andere bevolkingen binnen hun bezette gebied , waaronder ook de leden van de joodse gemeente Zwolle en die hun leven hebben gegeven als joden ter heiliging van Gods naam, omwille dat wij bidden n voor hun zielerust ,in Eden zullen zij rusten. Al barmhartige, bescherm hun in Uw vleugels ten eeuwige dage, en bundel hun zielen in de bundel des levens, God is hun erfdeel, en zij zullen rusten in hun graf tot dat zij zullen opstaan in het einde der dagen, Amen.

Cantor Daniël Colthof zingt het eeuwenoude gebed Ani Maämin (ik geloof). Bekijk de film op YouTube.

Foto's: Ineke Walrave

Daarna vertrok een lange stoet uit de synagoge om voor zes adressen in de Zwolse binnenstad vijftien Stolpersteine te onthullen. Stolpersteine die daags tevoren door stratenmakers in opdracht van de gemeente Zwolle waren gelegd. 

Shula Teitelbaum-Hirsch en Judith Bodenheimer-Hirsch, die als kleuters met hun moeder het concentratiekamp Bergen-Belsen overleefden, onthulden een gedenksteen voor hun vader Bentsion Baruch Hirsch, Koestraat 9A. Voor het woonhuis van de opperrabijn, Bloemendalstraat 3, werden diens echtgenote Betty Hirsch-Wormser en kinderen Raphaël en Lea Hirsch herdacht. Voor de Schoutenstraat 14 schoonzoon Nathan van Zwaanenburgh, dochter Jenny Hirsch en kleinkind Mirjam Chaja. Zij was pas een half jaar oud, toen ze in juli 1943 samen met haar ouders in Sobibor werd omgebracht. 

 

In de Wolweverstraat 30A woonden de Duits-Joodse vluchtelingen Isidor Lippers, Martha Lippers-Stehberg, Hugo Lippers en Rolf Eichenberg. In herinnering aan hen wees Mechteld Jungerius, die in dit huis opgroeide, op het belang van verdraagzaamheid, solidariteit en wederzijds respect in onze samenleving.

Lees hier de speech van Mechteld Jungerius in het Nederlands.
Speech Mechteld Jungerius in English.

Voor de Vispoortenplas 4 (vh 10) onthulden ds Mini Jurjens en Ciska Caneel Stolpersteine voor het echtpaar Salomon en Carolina Eva Caneel-Bamberg en hun zoontje Mozes. Ds Jurjens stelde de blijvende vraag hoe het toch kon gebeuren dat dit gezin en zovele anderen uit ons midden zijn verdwenen. En zouden wij hen geholpen hebben? 

Lees hier de speech van Mini Jurjens in het Nederlands.
Speech Mini Jurjens in English.

Levie Vomberg, Rodetorenplein 8, liet weinig sporen in de geschiedenis achter. Vanuit de schaarse herinneringen wist Wieske Veldhuis een liefdevol beeld van hem te schetsen en gaf hem zo zijn plaats in haar familiegeschiedenis en de Zwolse samenleving terug.

Lees hier de speech van Wieske Veldhuis.


Vier Stolpersteine onthuld op 5 juni 2016

Op zondagmiddag 5 juni zijn voor de Oude Vismarkt 5 vier Stolpersteine onthuld voor het echtpaar Machiel Godschalk (Assen 1912–Auschwitz 1944) en Juutje Godschalk-Van der Sluis (Zwartsluis 1920–Auschwitz 1943) en hun (schoon)ouders Salomon van der Sluis (Zwartsluis 1886–Auschwitz 1943) en Anna van der Sluis-Leverpoll (Borculo 1888-Auschwitz 1943). Dit gebeurde in de kring van familieleden uit alle generaties uit Israël, de Verenigde Staten en Nederland. Onder hen mevrouw Roos Horneman-Leverpoll, 93 jaar en overlevende van Bergen-Belsen, die als enige van alle aanwezigen deze vermoorde familieleden nog persoonlijk gekend heeft. 

De Stolpersteine confronteren ons met de onomkeerbare leegte die Machiel, Juutje, Salomon en Anna hebben achtergelaten binnen hun familie. Met deze kleine, persoonlijke monumentjes duiden wij hun lege plaats in de Zwolse samenleving. De gedenkstenen herinneren ons eraan dat we hen niet mogen vergeten. Hopelijk leert de wereld van deze kleine tekens van herinnering aan hen, die werden vermoord om wat ze waren, vermoord omdat ze Joods waren.

Nadat Machiel, Juutje, Salomon en Anna persoonlijk in herinnering waren geroepen, werden  Jizkor (herinneringsgebed voor de slachtoffers van de Holocaust) en Kaddisj gebeden. Ter afsluiting bracht een aantal familieleden nog een bezoek aan de nabijgelegen Zwolse synagoge.

 


Twee Stolpersteine onthuld op 27 mei 2016

Op vrijdagmiddag 27 mei zijn voor de Derk Buismanstraat 10 in de kring van familie en bekenden twee

 Stolpersteine onthuld voor Izak Os en Lea Os-Spits. Kleinzoon Igor Cornelissen memoreerde dat zij precies drieënzeventig jaar eerder met speciaal ziekenvervoer naar Westerbork waren gedeporteerd. Izak was ernstig ziek. 

Izak was lid van de gemeenteraad van Zwolle voor de SDAP. Het socialisme van Izak Os was niet afwijzend ten aanzien van de godsdienst. Hij bleef naar sjoel gaan, al was het maar voor de gezelligheid. Lea Os-Spits voerde geen strikt koshere huishouding, maar ze liet geen varkensvlees of paling toe. Het echtpaar kreeg vijf kinderen, van wie er drie in de oorlog omkwamen.

Izak Os was handelsreiziger. 

Zijn economisch wel en wordt weerspiegeld in de vele adressen in Zwolle waarop het gezin woonde, zoals de Wilhelminasingel, Diezerstraat, Spoelstraat, Bitterstraat, Jufferenwal, de Roggenstraat, Thorbeckegracht, Deventerstraat, de Tuinstraat en tenslotte de Derk Buismanstraat. In 1990 werd een straat naar Izak genoemd in Zwolse woonwijk Schellerbroek, de Izak Osstraat.

 Foto´s: Ineke Walrave


Zeven Stolpersteine onthuld op 1 mei 2016

Op zondagmiddag 1 mei zijn Stolpersteine onthuld voor de zeven Zwolse leden van de familie Denneboom, die ten onder gingen in de Holocaust. De gedenkstenen confronteren ons met de onomkeerbare leegte die zij hebben achtergelaten.

op de plek waar deze steen spreekt
krijgt een mens zijn wezen terug
uit de letters van zijn naam
herrijzen stofloos stil zijn benen
armen, handen, zijn gelaat
alsof hij hier ineens weer staat
alsof hij na te zijn verdreven
eindelijk terugkeert naar de plaats
waar zijn alles achterbleef
zonder het te weten

en ten slotte deed een nieuwe tijd
zijn bestaan vergeten
tot vandaag
hem bij ons terugbrengt

een mens die moest verdwijnen
verschijnt in dit herdenken.

Na lezing van dit gedicht van stadsdichteres Klara Smeets uit Gouda en een korte levensschets onthulden Mirjam Denneboom en Josephine Hartman-Denneboom de gedenksteen voor Joël Denneboom aan de Steenstraat 22.  

Bij de Frans Halsstraat 24 memoreerde Esther Smit-Denneboom het leven van Karel Denneboom, Esther de Leeuwe-Denneboom en Mozes de Leeuwe. Bij de dood van deze familieleden zijn hun lichamen niet met respect behandeld en zij hebben geen rustplaats gekregen. Terwijl dat in de joodse traditie zo belangrijk is: de dood is immers slechts tijdelijk en omkeerbaar; een stadium en geen eindbestemming. Dat is een mooie gedachte. Helaas kunnen we de wijze waarop zij zijn behandeld niet veranderen, maar we kunnen hen wel herdenken door het noemen van hun namen. Ik noem ze met respect: Karel Denneboom - Esther de Leeuwe Denneboom en - Mozes de Leeuwe. In de generaties die na hen gekomen zijn, worden hun namen opnieuw gebruikt, en ook op die manier worden ze nog genoemd en herdacht. Nu staan hun namen ook gegraveerd in de stenen die we hier gaan onthullen. Toch een gedenksteen, die hopelijk blijvend en is en ook met respect behandel zal worden, zoals een grafsteen met respect behandeld wordt. Betty Denneboom bracht in het gedicht Kaddisj  nogmaals tot uiting dat de overledenen altijd onder ons zijn zolang hun namen worden genoemd en wij hen in gedachten houden.

 

Bij de Vondelkade 45 schetste kleindochter Sheva Engel de tragiek van de ondergang van haar opa Elie Denneboom, oma Frederika Denneboom-van Tijn en haar tante Antoinette, die maar zeven jaar oud werd. De twee oudste dochters uit het gezin wisten in onderduik te overleven. Door het lezen van twee indringende gedichten, Het kleine meisje van Nazim Hikmet en Mens van Jorge Debravo, stelde Etienne Denneboom een existentiële opdracht: respecteer de menselijke waardigheid. Daarna ging Etienne Denneboom voor in gebed en werden alle omgebrachte leden van de familie Denneboom herdacht met het uitspreken van het Jizkor en Kaddisj.

Lees hier het In Memoriam Joël Denneboom, uitgesproken door Josephine Hartman-Denneboom.

Lees hier het In Memoriam Karel Denneboom, Esther de Leeuwe-Denneboom en Mozes de Leeuwe, uitgesproken door Esther Smit-Denneboom.

Lees hier het gedicht Kaddisj, gelezen bij de Frans Halsstraat door Betty A.M. Denneboom. 

Lees hier de gedichten Het kleine meisje en Mens, gelezen bij de Vondelkade door Etienne Denneboom.

 


Tien Stolpersteine onthuld op 30 maart 2016

In hun eenvoudige valies paste precies 
wat zij mochten meenemen van hun schamele bezit.
De rest zou, zeiden ze, worden nagestuurd.
De deur sloeg zacht achter hun ruggen dicht;
De buurt keek hen onnozel na.
Er volgde een eindeloze enkele reis van hot naar 
haar, dachten ze zelf, maar voor elke wagon
lag het eindstation vast, administratief bepaald.
Zij waren geen mensen meer, misschien nog 
ruggen, maar zeker nummers met ten slotte
een datum van overlijden.

Met deze woorden van stadsdichter Jan van den Boom uit Oss onthulde het echtpaar Raaijmakers, huidige bewoners van de Hagelstraat 15A, Stolpersteine voor de zussen Aaltje, Rika en Marianne Norden en hun pleegkind Elisabeth Sanders. 

Hans Davidson herdacht zijn grootouders Daniël en Sophia Jakobs-Cohen en zijn tante Betje Wijnberg-Jakobs voor de Grote Markt 8. 'Vandaag gedenken wij drie mensen met een monument, dat terugkijkt op het verleden maar ook relevant is voor het heden en de toekomst.' Hij waarschuwde nadrukkelijk voor de gevaren van intolerantie, discriminatie en opkomend antisemitisme in onze samenleving.

Sippora Stibbe haalde op de plek van de voormalige bakkerij van David en Blomme Spanjar-Cohen en hun (schoon)broer Henri Spanjar, hoek Praubstraat-Grote Kerkplein, jeugdherinneringen op aan het verdwenen Joodse leven in de Praubstraat. 

Lees hier de toespraak van B.J. Davidson
Lees hier de toespraak van A.J.M. Raaijmakers

Foto's: Ineke Walrave