Stolpersteine Zwolle
Nieuws

Op de hoogte blijven van Stolpersteine Zwolle? Mail naar stolpersteinezwolle@outlook.com, u krijgt dan bericht van ons zodra er een nieuwsbericht op de site is geplaatst.


Tien Stolpersteine onthuld op 14 april 2019

Op zondagmiddag 14 april zijn in het bijzijn van 35 familieleden en andere betrokkenen tien Stolpersteine onthuld voor leden van de familie Zeehandelaar. Ter hoogte van de vroegere Jufferenwal 18 liggen voortaan gedenkstenen voor Samuel Zeehandelaar, Mozes Gerrit Zeehandelaar, Charlotte Zeehandelaar-Andriesse, André Jozef Heijmans en Jacoba Sara Heijmans-Zeehandelaar. Aan het Gasthuisplein 2A (nu Gasthuisplein 2) werden Stolpersteine onthuld voor Mozes Zeehandelaar, Meike Zeehandelaar-Bollegraaf en hun kinderen Jacob, Esther en Sara Antje Zeehandelaar.

         

Aan de onthulling ging een herdenkingsplechtigheid vooraf in VidiVeni Bistronomie. Jaap Hagedoorn, voorzitter van de Stichting Zwolse Stolpersteine, sprak het welkomstwoord. Hij memoreerde dat 14 april, bevrijdingsdag van Zwolle, voor de Joodse gemeenschap een dag is van gemengde gevoelens. Enerzijds een dag waarop het verdriet om de vermoorde familieleden extra aanwezig is. Anderzijds blijdschap om het feit dat het de nazi's niet gelukt is alle Joden te vermoorden en voorgoed van de aardbodem te laten verdwijnen. Door de namen op de Stolpersteine krijgen de weggevoerde Joodse stadgenoten weer een plek in Zwolle. Tot slot benadrukte Hagedoorn het grote belang van individuele herdenking met de woorden van Abel Herzberg: 'Er zijn in de Tweede Wereldoorlog geen zes miljoen Joden uitgeroeid, maar er is één Jood vermoord en dat zes miljoen keer'.

Verschillende sprekers deelden vervolgens persoonlijke en historische herinneringen aan de familie Zeehandelaar.

Lees hier de toespraak van Wieske Veldhuis.

Lees hier de toespraak van Sippora Stibbe, uitgesproken door Anneke van der Wurff.

Lees hier de toespraak van Piet den Otter.

Lees hier de toespraak van Sarah Katznelson-Slager.

         

Na het Kaddiesj sloten violisten Ester Potjes en Stijn van Uffelen de herdenkingsbijeenkomst muzikaal af.

In een rondgang door de binnenstad werden de gedenkstenen aan de Jufferenwal en het Gasthuisplein onthuld. Het gezelschap stond ook even stil bij de Korte Kamperstraat 7, waar Samuel Zeehandelaar met zijn zoon Mozes Gerrit een ijzerwinkel had.

De foto's zijn gemaakt door Wieske Veldhuis.


Negen Stolpersteine onthuld op 12 oktober 2018

Voorafgaand aan de onthulling van Stolpersteine voor Leentje Davidson, de broers Mozes en Julius Koopman en het gezin Kropveld-Van Gelder kwamen familieleden en andere betrokkenen op vrijdagmiddag 12 oktober bijeen in de voormalige gymnastiekzaal van het Gymnasium Celeanum aan de Veerallee. Een beladen plek, want vanuit dit gebouw vond op 2-3 oktober 1942 de eerste deportatie van Joodse Zwollenaren plaats. Het gebouw is nu in gebruik als kantoor van woningbouwcorporatie deltaWonen. Directeur Evert Leideman vertelde dat zijn organisatie zich verantwoordelijk voelt voor de instandhouding van dit gebouw als een ‘lieu de mémoire’, een plaats van herinnering voor de Joodse gemeenschap, eigenlijk voor heel Zwolle. Leerlingen van het Gymnasium Celeanum herdenken jaarlijks met een stille tocht en bloemlegging bij het monument de Rozenboom de Joodse Zwollenaren, die van hier naar het Oosten werden gedeporteerd en niet terug keerden. Hans Davidson, Sippora Stibbe en Piet den Otter spraken woorden van herinnering en herdenking.

Hans Davidson zag als diepere betekenis van de Stolpersteine dat zij naast de individuele herdenking ons eraan herinneren hoe diep de mensheid kon en kan zakken. Hoe rassenhaat, discriminatie en georganiseerde onmenselijkheid was en is. Sippora Stibbe, geboren in Zwolle in 1931, haalde jeugdherinneringen op aan het gezin Kropveld. Piet den Otter schetste het lot van vader Samuel Kropveld, die in tegenstelling tot zijn vrouw en dochters niet rechtstreeks naar Auschwitz-Birkenau werd gedeporteerd, maar in Cosel uit de deportatietrein werd gehaald om een helletocht te ondergaan door de goelag van werkkampen in Silezië.

Lees hier de toespraak van Hans Davidson.

Lees hier de toespraak van Sippora Stibbe.

Lees hier de toespraak van Piet den Otter.

In een rondgang door de stad werden Stolpersteine onthuld voor Leentje Davidson (Walstraat 25), Mozes en Julius Koopman (Walstraat 27) en het gezin Kropveld-Van Gelder (Krabbestraat 3-5, v/h Waterstraat 45). 

  
                         Onthulling van Stolperstein voor Leentje Davidson, Walstraat 25  
                             Stolpersteine voor Mozes en Julius Koopman, Walstraat 27


Onthulling Stolpersteine voor gezin Kropveld-Van Gelder, Krabbestraat 3-5

De foto's zijn gemaakt door Wieske Veldhuis.


Vier Stolpersteine onthuld op 21 september 2018

Op vrijdagmiddag 21 september zijn in twee besloten bijeenkomsten vier Stolpersteine onthuld.

In VidiVeni Bistronomie aan de Jufferenwal kwamen na- en naastbestaanden bijeen om Menno Troostwijk (1909-1943) en Ans Troostwijk-Hijmans (1917-1944) te herdenken. 

Jenny van Wieringen deelde jeugdherinneringen aan haar nicht Ans Hijmans. Bert van der Heijden verhaalde over hun helletocht in het Oosten. Beiden werden slachtoffer van Vernichtung durch Arbeit. Joodse mannen en vrouwen moesten onder slechte omstandigheden dwangarbeid verrichten. Een opgave die zij meestal niet overleefden.

Menno werd na aankomst in Sobibor op 13 maart ’43 geselecteerd voor dwangarbeid in dit kamp. Medio april ’43is hij samen met 70 anderen geëxecuteerd op verdenking van het beramen van een opstand. Ans werd vanuit Sobibor van werkkamp naar werkkamp gesleept. Zij overleed in Trawniki op of omstreeks 7 januari ’44 aan uitputting en ziekte. Zie hier het levensverhaal van Ans Troostwijk-Hijmans in de tentoonstelling Jodenvervolging in 12 portretten.

Menno en Ans kochten in 1940 het huis in aanbouw aan de Kon. Wilhelminastraat 49. Gedurende de hele oorlog woonde hier echter een Duitse ambtenaar. Daarom zijn de Stolpersteine gelegd voor het huis van Menno’s ouders aan de Emmawijk 23, waar het jonge paar inwoonde.
 

   
                                 

In een huiskamerbijeenkomst aan de Groeneweg 25 werden Eduard Danneboom (1876-1945) en zijn zoon Jacob Karel Danneboom (1909-1945) herdacht. Beiden waren werkzaam in de handel in lompen en oude metalen. Bewoner Gerrit Schaafsma belichtte de vooraanstaande positie van het gezin Danneboom-Katz binnen de Joodse gemeenschap in Zwolle tijdens het interbellum. Hiervan getuigt ook het bewaard gebleven album met foto’s en gelukwensen dat Eduard en zijn vrouw in mei 1942 bij hun veertigjarige huwelijk ten geschenke kregen.

Eduard en Selma duiken onder in Apeldoorn, worden begin maart ’45 opgepakt en naar Westerbork gedeporteerd, waar Eduard op 3 april overlijdt, een paar dagen voor de bevrijding. Jacob komt midden juni ’44 als Häftling aan in Westerbork en komt tussen september ’44 en januari ’45 om in Auschwitz.

  

De toespraak van Gerrit Schaafsma volgt nog.

Harry Hes sprak over het leed van overlevenden na de oorlog, in dit geval Selma Danneboom-Katz. Zij verloor haar hele familie – echtgenoot, dochter met man en twee kinderen en zoon. Zij heeft haar leven op een natuurlijke manier mogen, moeten, voltooien. Maar wel onder een last, die haast teveel (was) voor één mensch, zoals zij in vertwijfeling in een familieboek schreef.

Lees hier de toespraak van Harry Hes.

De foto's zijn gemaakt door Ineke Walrave.


Eenentwintig Stolpersteine onthuld op 20 juli 2018 

Op de zeer zomerse vrijdagmiddag 20 juli verwelkomde de Stichting Zwolse Stolpersteine 125 aanwezigen in de Zwolse synagoge tijdens de herdenkingsbijeenkomst voorafgaande aan de onthulling van 21 Stolpersteine voor de families Anholt, Krammer, Pinas en aanverwanten. Veel nabestaanden waren overgekomen uit Israël. Zij herdachten hun dierbaren in de Zwolse sjoel waar hun families ooit samenkwamen. Zij herdachten hen in Zwolle, de stad waar ooit een levendige Joodse gemeenschap bestond van meer dan 700 zielen. Zij herdachten hen voor de huizen van waaruit ze via Westerbork naar het Oosten werden weggevoerd.

Het werd een zeer emotionele bijeenkomst en rondgang door de stad. De KRO heeft de gebeurtenissen uitgebreid gefilmd. In de documentaire Een steen voor een leven zijn de Zwolse opnamen verweven met onthullingen in Berlijn en gesprekken met Gunter Demnig, de bedenker van de Stolpersteine. De documentaire van 26 minuten is uitgezonden op 4 november 2018 en is hier terug te zien.

Rob Schouten, betrokken buurtbewoner, bood als eerste alle aanwezigen een herinneringsbrochure aan. Voor hem is de naam Sobibor onlosmakelijk verbonden met Michel Velleman (1895-1943), de Joodse goochelaar die optrad als professor Ben Ali Libi en in Sobibor werd vermoord. Het gedicht Ben Ali Libi van Willem Wilmink werd vervolgens door Junte Uiterwijk/rapper Sticks voorgedragen. Sticks rapte zijn gedicht Stolpersteine

 

Lees hier de toespraak van Rob Schouten.
Lees hier het gedicht Stolpersteine van Junte Uiterwijk/rapper Sticks.

  

Ariella Vishlizki, Ilan Kidron en Oded Kidron spraken emotionele woorden van herdenking voor hun in Auschwitz en Sobibor vermoorde familieleden. Daarnaast droegen zij met kracht de hoop uit dat de gedenkstenen ook een blijvend signaal afgeven tegen uitsluiting, intolerantie en discriminatie. Ontroerend was hun dankbaarheid tegenover de aanwezige (klein)kinderen van de onderduikgevers tijdens de oorlog.  Na de toespraken zongen zij het lied Anie Maamien  om  - ondanks het zwarte verleden - hun vertrouwen in de mens en de toekomst tot uitdrukking te brengen.

Lees hier de toespraak van Ariella Vishlizki.
Lees hier de toespraak van Ilan Kidron.
Lees hier de toespraak van Oded Kidron.

Na het Kaddiesj sloten violisten Ester Potjes en Stijn van Uffelen de herdenkingsbijeenkomst muzikaal af.

  

In een lange rondgang door de stad zijn achtereenvolgens Stolpersteine onthuld voor de Diezerstraat 81, de Walstraat 25, de Oosterlaan 16, de Eendrachtstraat 1A, de Seringenstraat 40, de Hyacinthstraat 30 en tot slot de Van Lennepstraat 26.

Diezerstraat 81                                                      Walstraat 25

   

 Oosterlaan 16
  

 Eendrachtstraat 1A

  

 Seringenstraat 40

  

  

Hyacinthstraat 30                                                                   Van Lennepstraat 26

  

Met de gedenkstenen krijgen de slachtoffers weer een plek terug in de buurt waar ze woonden, waar de kinderen op straat speelden en de volwassenen lief en leed deelden. Tegelijkertijd brachten de Stolpersteine nabestaanden, huidige bewoners, buurtgenoten en andere betrokkenen ook samen in het heden.

Bij de Seringenstraat 40 zijn niet alleen Stolpersteine onthuld voor het gezin Krammer-Van Gelderen. Aan de zijgevel onthulde de 92-jarige ooggetuige Bep Maazen een plaquette met de foto die haar moeder op 8 april 1943 maakte van de kinderen uit de buurt. Zij deed dit daags voordat de laatste Joodse Zwollenaren, ook de kinderen Miep, Fietje, David en Jupie Krammer, op transport zouden worden gesteld. De foto inspireerde Alet Boukes tot het gedicht 8 april 1943.

Lees hier de toespraak van Bep Maazen.
Lees hier de toespraak van Alet Boukes.

De foto's zijn gemaakt door Wieske Veldhuis. 


Negen Stolpersteine onthuld op 16 maart 2018

Op vrijdagmiddag 16 maart verwelkomde Jaap Hagedoorn, voorzitter van de Stichting Zwolse Stolpersteine, enkele tientallen leden van de familie De Leeuwe en andere genodigden in Brasserie De Hofvlietvilla aan de Zwolse Pannekoekendijk. 

Vervolgens sprak Meriam de Leeuwe woorden van herinnering aan haar omgebrachte familieleden. Als wij praten over de familie De Leeuwe, dan kunnen wij met recht praten over een drie-eenheid, misschien in Joodse context een merkwaardige entiteit. Hier kunnen wij in één adem noemen: Zwolle, de familie De Leeuwe en de markt. Zij zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Toen mijn betovergrootvader Abraham de Leeuwe naar Zwolle kwam, rond 1855, begon de langdurige band tussen Zwolle, de familie en de markt. Op dit moment zetten mijn zuster Eline Louise (Ellen) en ik, de 5e generatie, de handel voort op de markt. …..

De familie was net als de meerderheid van het vooroorlogse Jodendom niet bijzonder religieus, zij waren bezig met de strijd om het bestaan…. Verhoudingsgewijs werd er veel gemengd gehuwd. Dit zette de verhoudingen binnen de familie op scherp, het was NOT done om buiten de stam te trouwen. Cynisch genoeg zouden nu juist die gemengde huwelijken mijn grootvader en zijn zus beschermen tegen deportatie…….

De broers van mijn grootvader, …,waren niet politiek bewust en actief. Helaas werden zij allemaal en ook zwager Lion Content slachtoffer van de totalitaire politieke ideologieën, die in de jaren ‘20 en ‘30 opkwamen in Europa.……

In de joodse traditie is het een Mitswa om een graf te bouwen voor je familie. Met steentjes die gelegd worden op Joodse grafstenen, bouw je symbolisch mee. Hoewel we niet letterlijk een graf hebben, kunnen wij nu toch bouwen aan een herdenkingsplek. Daar hebben wij als nabestaanden een bevredigend gevoel over.

Daarna haalde Giny van Marle-Backer jeugdherinneringen op aan de vooroorlogse Joodse gemeenschap in de buurt rond het Eiland, achter de Broeren, de Waterstraat en de Bitterstraat, waar ook vele De Leeuwe’s woonden. Bewogen vertelde ze over haar vriendinnetje Vrouwtje de Leeuwe (geboren in Zwolle op 28 maart 1933 en vermoord in Auschwitz op 22 oktober 1942) en hoe zij als kinderen omgingen met de vele discriminerende maatregelen tegen de Joodse Zwollenaren tijdens de eerste oorlogsjaren.

Na het uitspreken van het Kaddiesj sloot violist Bas Egberts de herdenkingsbijeenkomst af met het spelen van ‘Remembrances’ uit de film Schindler’s List.

 


In een rondgang door de stad werden Stolpersteine onthuld voor Louis de Leeuwe (Rembrandtlaan 71), voor Louis de Leeuwe en Lion Content (Frans Halsstraat 8A, nu 26) en voor het zes leden tellende gezin De Leeuwe-Lindeman (Spoelstraat 14A).

Lees hier de toespraak van Meriam de Leeuwe

Rembrandtlaan 71

  

Frans Halsstraat 8a (nu 26)

  

Spoelstraat 14A

  

 Foto's: Ineke Walrave


Negen Stolpersteine onthuld op 2 februari 2018

Op vrijdagmiddag 2 februari verwelkomde Jaap Hagedoorn, voorzitter van de Stichting Zwolse Stolpersteine, 45 aanwezigen in Vidiveni Bistronomie aan de Zwolse Jufferenwal. Daarna spraken Rita Creveld, Hans Davidson en André Raaijmakers woorden van herinnering en herdenking voor de omgebrachte bewoners van achtereenvolgens de Buitenkant 26, de Kamperstraat 1, de Steenstraat 13 en de Kerkstraat 10. Na een gezongen muzikaal intermezzo en het uitspreken van het Kaddisj volgde een rondgang om de eerder door de gemeentelijke stratenmakers geplaatste Stolpersteine te onthullen.

Buitenkant 26

Drie Stolpersteine onthulde Rita Creveld aan de Buitenkant 26 voor haar nicht Cornelia Bromet, Cornelia’s echtgenoot Godschalk Isaac Bilderbeek en hun dochtertje Sara Frederika Beppie Bilderbeek. Uit familieoverlevering is helaas weinig over dit gezin bekend. 

Schrijnend is de afscheidsbrief van Cornelia’s vader uit Westerbork:  “Wij hebben het hier heel gezellig en spelen zo af en toe toneel, zoals jullie nog wel zullen weten is dat een hobby van mijn vrouw en mij. En wij vermaken s’ avonds de mensen die hier ook verblijven. Wanneer we hier weggaan, weten we nog niet, maar wij zijn niet te lui om ergens te gaan werken, dus we wachten rustig af. Het ga jullie goed, hopelijk snel tot ziens. Afzender, G.A. Pleite !!!!!!!!!”

Het verlies van vele familieleden en trauma’s ten gevolge van de onderduik vormen nog altijd – meer dan zeventig jaar later - een zere plek op de ziel van overlevenden binnen de familie.

Lees hier de toespraak van Rita Creveld


 

Steenstraat 13 en Kerkstraat 10

In hun eenvoudige valies paste precies
wat zij mochten meenemen van hun schamele bezit. 

De rest zou, zeiden ze, worden nagestuurd.
De deur sloeg zacht achter hun ruggen dicht;
De buurt keek hen onnozel na.
Er volgde een eindeloze enkele reis van hot naar 
haar, dachten ze zelf, maar voor elke wagon
lag het eindstation vast, administratief bepaald.
Zij waren geen mensen meer, misschien nog 
ruggen, maar zeker nummers met ten slotte
een datum van overlijden.

Met deze veelzeggende woorden van stadsdichter Jan van den Boom uit Oss herdacht het echtpaar Raaijmakers, mede namens Jeanet Selles bewoonster van de Steenstraat 13, vier Joodse Zwollenaren die eveneens zonder veel sporen na te laten in de geschiedenis verdwenen: Koos Norden en Mietje Lisetta van Gelderen, Kerkstraat 10 te Zwolle, en Salomon Norden en Grietje-Weijel, Steenstraat 13.

Lees hier de toespraak van André Raaijmakers

Kerkstraat 10 

Steenstraat 13

Kamperstraat 1

Ook Hans Davidson memoreerde hoe weinig we weten van veel slachtoffers van de Holocaust. “Er is een Amerikaanse uitdrukking die zegt: If a tree falls in the forest and there is nobody there, does it make a sound? (…) Van een groot aantal Joden die in de Holocaust geveld zijn, is weinig of niets bekend. Dat is ook het geval met Maurits Nathan en Nathan Troostwijk. We kennen hun laatste woonadres, hun beroep - bakkersknecht - en hun familie, de rest is onzeker of onbekend. Tussen 3 en 5 oktober 1942 zijn ze weggevoerd naar het verzamelpunt Westerbork (…),  op 14 september 1943 werden ze per goederenwagon doorgestuurd naar Auschwitz waar ze, mogelijk op 8 januari 1944, zijn omgebracht. 

Er zijn alleen nog maar twee sigarettenkokers met initialen en een aandoenlijke foto uit 1928 van hen over waar ze, met nog vier andere vriendjes en vriendinnetjes, op het strand staan (…). Van al die kinderen heeft alleen mijn moeder de oorlog overleefd. Er zijn geen latere foto's, in het huis van hun ouders was geen enkel aandenken aan de twee broers te zien, de herinnering aan hen was weggestopt.” 

Stolpersteine zijn de symbolische grafstenen in plaats van echte zerken aan de Kuyerhuislaan, waar de laatste rustplaats van weggevoerde Joodse Zwollenaren had moeten zijn. 

Lees hier de toespraak van Hans Davidson

 

 Alle foto's zijn gemaakt door Ineke Walrave


Veertien Stolpersteine onthuld op 3 november 2017

Op vrijdagmiddag 3 november verwelkomde wethouder Ed Anker ruim 40 aanwezigen in het stadhuis van Zwolle. Daarna spraken Harry Hes, Sippora Stibbe, Raymond de Groot en Martin Hemmink woorden van herinnering en herdenking voor de omgebrachte bewoners van de Kamperstraat 14, de Papenstraat 5, de Sassenstraat 3 en de Sassenstraat 45A. Na een muzikaal intermezzo met Finse liederen van weemoed en verlangen door Gyöngyi Kovacs volgde een rondgang om de enkele dagen eerder door de gemeentelijke stratenmakers geplaatste Stolpersteine te onthullen.

      

Foto's: Ineke Walrave

Kamperstraat 14

Harry Hes (Zwolle 1934) verhaalde hoe de zwangerschapsperiode van zijn moeder en die van haar achterbuurvrouw Betje Wolff-Kats met elkaar verweven waren. Menno Wolff en Harry waren speelkameraadjes en zaten tot 1942 bij elkaar in de klas. Menno en zijn moeder zijn op dinsdag 8 juni 1943 met het zogenoemde kindertransport van Westerbork naar Sobibor gedeporteerd. Harry Hes besloot: In de na-oorlogse jaren vroeg mijn moeder mij soms onverwacht: “denk jij nog wel eens aan Menno Wolff”. “Eigenlijk niet” moest ik dan antwoorden, bezig als ik was met school, sport, muziek en het volgende feestje; en voelde me even lichtelijk schuldig. Als het me nu zou worden gevraagd, dan kan ik naar eer en geweten antwoorden dat ik de laatste weken heel veel aan hem heb gedacht. Gedacht aan Menno Wolff, 8 jaar en zijn moeder Betje Wolff-Kats, 44 jaar. Hoe zij werden vernederd, gefolterd en vermoord, omdat zij Joods waren. Moge hun zielen zijn opgenomen in de bundel van het eeuwige leven.

Lees hier de toespraak van Harry Hes

Foto’s: Wieske Veldhuis en Ineke Walrave

Papenstraat 5 

Sippora Stibbe (Zwolle 1932) was het buurmeisje van marktkoopman Salomon Levie, zijn vrouw Sara Levie-Davidson en hun kinderen Grietje, Sientje, Benjamin en Vrouwtje. Door haar levendige beschrijvingen verschenen de gezinsleden in de alledaagsheid van het kinderleven voor ons geestesoog. Totdat het noodlot ook voor hen toesloeg. Begin oktober 1942 klopte een politieagent bij de Levie's aan met de oproep om zich de volgende dag te melden bij het gymnasium aan de Veerallee. Daar zouden ze hun man en vader terug zien. Op vrijdag 2 oktober stapten ze naar buiten, bepakt met logge rugzakken. Op de rugzakken stond hun naam in grote witte letters. De buren kwamen een eindje de straat in om de Levie's alle goeds te wensen. Er werd geroepen: goeie reis en tot ziens. De familie was verbaasd de buren te zien. Er scheen een waterig zonnetje en de kleine blauwe steentjes in de Papenstraat glommen als vanouds. Ze liepen nogal verspreid. Er was geen politie om ze te begeleiden. Ze gaven simpelweg gehoor aan de oproep van de dag daarvoor. Ze draaiden zich niet eenmaal om.......

Lees hier de toespraak van Sippora Stibbe.

Lees ook het korte verhaal Een Onderscheiding van Sippora Stibbe.

 

Foto’s: Wieske Veldhuis en Ineke Walrave

Sassenstraat 3

Vanuit de Sassenstraat 3 zijn in de Tweede Wereldoorlog Siegfried de Groot, zijn vrouw Bertha Lippers, hun kinderen Dietrich en Martha Clara en Siegfrieds moeder Clara Dannenberg weggevoerd. Achterneef Raymond de Groot schetste op basis van kleine brokjes informatie de familiegeschiedenis, mede getekend door het antisemitisme in Duitsland in de jaren dertig. Siegfried was een van de eerste Joodse slachtoffers in Zwolle. Vanaf 30 juni 1942 gold voor Joden een avondklok van 20.00 tot 6.00 uur. Op overtreding van deze regel stond als straf deportatie naar het concentratiekamp Mauthausen in Oostenrijk. Siegfried was lid van een kaartclubje. Op zekere avond werd de kaartavond elders gehouden en bevond hij zich na 20.00 uur niet in zijn eigen woning. Door verraad is hij aangebracht. Na arrestatie werd hij via de Sicherheitspolizei in Arnhem en Kamp Amersfoort naar Mauthausen gedeporteerd. Hij is daar aangekomen op 10 juli 1942 en omgebracht op 7 oktober 1942. Hij bereikte de leeftijd van 40 jaar.

Lees hier de toespraak van Raymond de Groot.

 

Foto's: Ineke Walrave

Sassenstraat 45A

Bij ontstentenis van directe na- of naastbestaanden gaf bestuurslid Martin Hemmink een korte biografische schets van Levie de Leeuwe. Getrouwd met een niet Joodse vrouw was Levie – in de Duitse terminologie – een gemengd gehuwde Jood en mocht hij na de laatste deportaties van 8-9 april 1943 in Zwolle blijven wonen. Levie werd echter tijdens de landelijke april-mei staking in 1943 bij de Zwolse politie aangegeven, omdat hij met een groepje personen op straat had staan praten en zo het verbod op samenscholing had overtreden. Dit leidde tot de beschuldiging dat hij mensen tot staking zou hebben aangezet. Hij dook daarom onder bij zijn zwager in Hilversum, maar werd daar op 20 mei 1943 door twee Zwolse politiemannen gearresteerd. Via Westerbork is hij in maart 1944 naar Auschwitz gedeporteerd. In de maanden daarna is hij op een onbekende datum op een onbekende plaats in Midden-Europa omgekomen.

Lees hier de toespraak van Martin Hemmink.

 Foto's: Ineke Walrave